poëzie
Gedichten zijn verschenen in o.a. Bunker Hill, De Revisor, Lava, Tirade, Tzum
trappenhuis
de hemel is van koper
je moet die dag alles maken
zoals het ooit voor haar was
de kamer is prikkeldraad
hier en daar wat wol
geen schaap te bekennen
dat alles op zolder staat
zegt de conciërge die ik op eenzaamheid
betrap maar dan van de vuige soort
slak van het trappenhuis is hij
een man die binnen blijft om
over het weer te klagen
en dan zijn er opeens tredes
zo uitgesleten dat ze podia zijn
waardoor je midden in de nacht
op je borst roffelt van de liftschacht
een kinkhoorn maakt voor dat ene lied
dat je als sinds je kattenknieën aan
het slijpen bent
boven veeg je met wol het zweet van
je voorhoofd en vraagt hoeveel zout nodig is
voor een slakkenhuis leeg genoeg voor echo
